Van SFF-sandwich tot conservatieve cube. Wat je kiest hangt af van je GPU-lengte en je geduld. De markt voor mini-ITX kasten is in 2025–2026 rijper dan ooit: de keuze is groter, de prijsklassen zijn scherper en je hoeft geen millimeterwerk te doen om een 4080 in 11 liter te proppen — tenminste als je de juiste kast kiest.
Wat SFF in 2026 anders maakt
Twee jaar geleden was een mini-ITX build haalbaar maar niet comfortabel. Je kocht een Dan A4-SFX of een Lian Li A4-H2O, betaalde een meerprijs voor een SFX-voeding, worstelde met een propriëtaire riser-kabel en hoopte dat je GPU niet te lang was. Wie pech had, zat met een RTX 4080 die 340 mm lang was in een kast die 322 mm ondersteunde.
In 2026 zijn drie dingen veranderd. Ten eerste: GPU-fabrikanten hebben de hint begrepen. De RTX 5080 Founders Edition meet 336 mm — lang, maar inmiddels halen de meeste kasten in dit segment 320–357 mm. Ten tweede: PCIe 4.0 riser-kabels zijn standaard geworden, waardoor verticale GPU-montage eindelijk stabiel en breed beschikbaar is. Ten derde: de middenklasse is gegroeid. Je hoeft niet meer te kiezen tussen een €80 budgetkast met beperkingen en een €200 premiumkast — er zit nu een solide laag tussen de €100 en €150.
Wat niet is veranderd: bouwen in mini-ITX vraagt planning. Kabelmanagement in 8 tot 18 liter gaat niet vanzelf. Thermisch zijn er compromissen. En je SFX-voeding kost typisch €30–50 meer dan een vergelijkbare ATX-unit. Wie daar geen bezwaar tegen heeft, vindt hieronder de negen kasten die in 2026 de toon zetten.
Specs in één oogopslag
| Kast | Volume | GPU max | Koeling | PSU | Prijs (€) |
|---|---|---|---|---|---|
| Fractal Design Terra | 10,4 L | 322 mm | 1× 120 mm fan | SFX/SFX-L | ~€175 |
| Lian Li A4-H2O | 11,1 L | 322 mm | 240 mm AIO | SFX/SFX-L | ~€130 |
| Dan Cases A4-SFX v4.1 | 7,25 L | 295 mm (306 mm met bracket) | 48 mm CPU max | SFX | ~€170 |
| SSUPD Meshlicious | 14,7 L | 320 mm / 4 slots | 280 mm radiator | ATX of SFX | ~€100 |
| Cooler Master NR200P V2 | 18,25 L | 357 mm | 280 mm AIO (top) | SFX only | ~€90 |
| NZXT H1 V2 | ~13,5 L | 324 mm | 140 mm AIO (inbegrepen) | SFX (inbegrepen) | ~€380 |
| Cooler Master NC100 | 7,9 L | 320 mm (2,5 slot) | Intel NUC element | SFX (inbegrepen) | ~€120 |
| Lian Li Q58 | 14,6 L | 320 mm | 240 mm radiator | SFX/SFX-L | ~€115 |
| Jonsbo N1 | 19,9 L | 250 mm | 2× 120 mm fan | SFX | ~€85 |
Drie onder de €150: meer kast dan je verwacht
De Cooler Master NR200P V2 (€90) is het meest logische beginpunt als je voor het eerst een mITX-build doet en niet wil bezuinigen op GPU-keuze. Met 357 mm GPU-clearance is het de ruimste kast in dit segment — en tegelijk compact genoeg op 18,25 liter. Dat lijkt veel in vergelijking met een Dan A4, maar zodra je een top-gemonteerde 280 mm radiator wil, merk je waarom dat volume ergens naartoe gaat. De V2-update bracht USB 3.2 Gen 2×2 Type-C op het I/O-panel, voorbereiding voor RTX 5090 en RX 9070 XT, en een iets verstevigde frame. Prijs: €86–90 afhankelijk van regio. Enige nadeel: het is SFX only — een goede Corsair SF750 of Cooler Master V SFX kost je €120–140 extra.
De SSUPD Meshlicious (€100–110) is de kast die je kiest als airflow heilig is en je bereid bent iets meer volume te accepteren. De volledige mesh-behuizing op 14,7 liter laat lucht door als water. Je kunt hem combineren met een ATX-voeding — een zeldzaamheid in dit segment — wat de totaalprijs van je build aanzienlijk drukt. GPU-ondersteuning loopt tot 320 mm met 4-slot dikte, en een 280 mm radiator past erin. Het nadeel is geluidsoverlast: de Meshlicious is meetbaar luider dan kasten met gesloten panelen bij dezelfde fan-snelheid. Wie stilte wil, kijkt elders. Wie koeling wil, kijkt hier.
De Lian Li A4-H2O (€125–135) is de kast voor wie een sandwich-layout wil met AIO-koeling. De samenwerking tussen Lian Li en DAN Cases leverde een 11,1 liter kast op die een 240 mm radiator ondersteunt — dat is uitzonderlijk compact voor zo'n koelingsoplossing. GPU max is 322 mm, drievoudige slots passen erin, en de aluminium behuizing voelt steviger aan dan wat je in dit prijssegment mag verwachten. Inclusief PCIe 4.0 riser-kabel. Nadeel: kabelmanagement is krap, en de installatie vraagt een paar uur de eerste keer.
"De NR200P V2 past een RTX 5080 van 357 mm — dat is 35 mm meer dan een Fractal Terra. Dat millimeterwerk maakt of breekt je GPU-keuze."
Drie in het midden: karakter en compromissen
De Fractal Design Terra (€175) is de kast die je koopt als je ook na de build trots op je bureau wil zetten. De 8 mm dikke aluminium wanden, de houten accenten in de jade- en grafietversies, en de verstelbare centrale wand geven de Terra een uitstraling die ver boven zijn volumeklasse van 10,4 liter uitstijgt. De verstelbare spine is praktisch: je kunt hem verschuiven voor meer GPU-ruimte (tot 322 mm) of meer hoogte voor je CPU-cooler. Koeling is beperkt tot één 120 mm fan, dus een aircooler of dunne low-profile AIO is de enige optie. Voor wie een dikke GPU en hoge TDP CPU wil combineren, is de Terra thermisch te krap. Voor wie een Ryzen 7 of Core Ultra met een compacte koeler heeft en een prachtige kast zoekt: dit is het.
De NZXT H1 V2 (€380–400) is de duurste optie in dit overzicht, maar ook de meest complete. De prijs is inclusief een 750W SFX 80 Plus Gold voeding en een 140 mm AIO CPU-koeler. Als je die twee componenten los moet kopen, zit je al snel op €180–200 extra bij de alternatieven. De H1 V2 presteert het best als je hem volledig als pakket beschouwt: NZXT heeft de bedrading en montage voor je voorbedacht, en de bouw is opmerkelijk toegankelijk voor een kast van deze klasse. GPU-lengte max 324 mm, geheugenklaring 46 mm. GPU-temperaturen zijn iets hoger dan in meer open kasten — een bewuste trade-off voor het vertikale ontwerp.
De Lian Li Q58 (€110–120) is de minder bekende optie die het verdient vaker genoemd te worden. Op 14,6 liter biedt hij ruimte voor een 240 mm radiator en GPU's tot 320 mm, met een strakke glazen zijpaneel en aluminium frame. Hij ondersteunt SFX én SFX-L voedingen. PCIe 3.0 riser is standaard, PCIe 4.0 kost €25 extra. De bouwervaring is soepeler dan de A4-H2O, de prijs is scherper dan de Terra, en de thermische prestaties zijn degelijk. Ideaal voor wie een veelzijdige middenklasse kast wil zonder te compromitteren op GPU-ruimte of koeling.
Drie voor de echte bouwer: klein, kleiner, kleinst
De Dan Cases A4-SFX v4.1 (€165–175) is de benchmark voor extreme SFF-bouwers. Op slechts 7,25 liter — de kleinste kast in dit overzicht — pas je een volwaardige mITX-build in met een GPU tot 295 mm (of 306 mm met bracket). De v4.1 was de eerste sandwich-layout kast die officieel PCIe Gen 4 ondersteunde, met een bijbehorende riser-kabel inbegrepen. De constructie is aluminium en staal, de afwerking is nauwkeurig. Wat je inlevert: CPU-hoogte is beperkt tot 48 mm, wat de koelingsopties sterk inperkt. Low-profile coolers of dunne AIO's zijn de enige routes. GPU's boven de 295 mm passen met de bracket maar vragen meting tot op de millimeter. Dit is een kast voor wie de planning leuker vindt dan de bouw zelf.
De Cooler Master NC100 (€110–125) neemt een andere benadering: hij is ontworpen rond het Intel NUC 9 Extreme Compute Element, wat betekent dat je moederbord niet standaard mITX is maar een Intel-specifieke kaart. Dat maakt hem minder universeel, maar voor wie een extreem compacte build (7,9 liter) met volle GPU-ondersteuning tot 320 mm wil bouwen rond Intel NUC hardware, is er geen kleinere optie. De voeding (SFX, 650W) zit inbegrepen. Thermisch presteert hij opmerkelijk goed voor zijn volume dankzij de gerichte luchtgeleiding. Weet wat je koopt: standaard mITX-boards passen hier niet in.
De Jonsbo N1 (€80–90) sluit dit overzicht af als de nuchtere keuze voor wie mITX wil proberen zonder grote investering. Op 19,9 liter is hij de grootste in het overzicht, maar ook de meest betaalbare. GPU-lengte is beperkt tot 250 mm — een serieuze beperking als je een moderne high-end GPU wil inbouwen. Voor een mid-range build met een RTX 4060 of RX 7600 (beide onder de 250 mm) is hij prima geschikt. Twee 120 mm fans, SFX-voeding vereist, aluminium panelen. Wie later wil upgraden naar een langere GPU heeft een probleem — maar wie nu wil beginnen met SFF voor weinig geld heeft hier een eerlijke optie.
Veelgestelde vragen
- Heb ik altijd een SFX-voeding nodig voor een mITX-build?
- Niet altijd. De SSUPD Meshlicious en een aantal grotere mITX-kasten accepteren ook ATX-voedingen. Maar de meeste compacte kasten — zeker onder de 15 liter — vereisen een SFX of SFX-L unit. Budget €100–150 voor een betrouwbare 650–750W SFX.
- Welke GPU-lengte is veilig voor de meeste kasten in dit segment?
- 320 mm is de praktische grens voor het brede midden. De NR200P V2 gaat tot 357 mm, de Dan A4 tot 295–306 mm. Meet altijd na: GPU-lengtes op fabrikantpagina's tellen soms de backplate mee, soms niet.
- Is een mITX-build heter dan een ATX-build?
- In de meeste gevallen ja, met name de GPU. Lucht heeft minder ruimte om te circuleren. Met een goede koeloplossing (AIO, goede fans) is het verschil klein — 3–8 °C op GPU-temperaturen is realistisch. Kies een kast met mesh-panelen als thermisch rendement prioriteit is.
- Kan ik een RTX 5080 of RX 9070 XT inbouwen in een mITX-kast?
- Ja, mits je kast dat qua lengte en slotbreedte ondersteunt. De NR200P V2 is daar expliciet op voorbereid. De Fractal Terra en Lian Li A4-H2O gaan tot 322 mm — check de exacte maten van je specifieke GPU-variant, want AIB-modellen zijn vaak langer dan de Founders Edition.
- Is de NZXT H1 V2 zijn meerprijs waard?
- Als je de meegeleverde PSU en AIO meeneemt in de berekening: ja. Als je al een SFX-voeding en AIO hebt: nee. De H1 V2 is het meest de moeite waard als kant-en-klaar startpunt voor beginners in de mITX-wereld.